En toen (bis) …

… vond ik vanmorgen dít verhaaltje op de site van Omroep Zeeland. Ik heb al een mailtje gestuurd naar de Mikke en ook de vraag gesteld bij waarnemingen.nl of de kadavertjes ingezameld worden voor onderzoek, zoals ook gebeurde bij de merels, een paar jaar geleden.

Waar ik me nu toch ook even zorgen over maak, is de eventuele overdraagbaarheid naar honden en (vals beschuldigde) katten. Dierenarts bellen.

Wat ik er zeker uit onthoud is dat ik nu nog maar eens extra grondig dat hok moet schoonmaken. Maar kan ik het strooisel dan in de kliko gooien? Hoe lang blijft dat virus zonder gastheer leven?

Een uurke of 3 later was er al antwoord:

“Beste meneer, (nou ja …)

Nee er worden geen dode dieren in gezameld.
Er is niets bekend over overdragen op andere dieren.
Als u uw kast schoonmaakt en nieuw strooisel erin doet is dat voldoende.
Zodra er meer bekend wordt over het virus komt dat ook weer in de publiciteit.

Met vriendelijke groet,
Coby Louwerse.”

En toen …

… kwam er een varken met een lange snuit en ’t vertelselke was  uit.

Iemand die zich die zin nog herinnert van al dan niet lang vervlogen tijden? Ik moest er deze namiddag aan denken. Net vóór de lunch trok de zon zich (eindelijk!) terug achter de wolken, de temperatuur zakte zeker wel 2 graden en tegen de tijd dat de laatste slok koffie op was, vielen er zelfs wel een stuk of 10 regendruppels. Minstens. Maar ze vielen zo ver uit elkaar dat je snel moest zijn om ze te tellen, of ze waren alweer opgedroogd.

Anyway. Het dagenlange stilzitten heeft al dermate op mijn systeem gewerkt, dat ik na het eten mijn tuinhandschoenen, klein materieel en een afvalemmer pakte en aanstalten maakte om her en der de ongenode gasten weg te werken. Het viel nog niet mee, want het bukken maakte me zo duizelig, dat ik bijna bovenop een paar venijnige distels landde.

En toen zag ik het.
Herinneren jullie je nog wat er in het vorige hoofdstukje gebeurde?
Het vervolg van het verhaaltje kennen we niet met zekerheid, maar dit is een mogelijkheid:

Toen moeder Egel de boze kat had weggejaagd, installeerde ze zich knusjes in haar huisje en wachtte geduldig op het Grote Moment: de geboorte van haar kleintjes. In het begin had ze daar nog niet veel omkijken naar. Gewoon op tijd thuis zijn om hen te voeden en het huisje schoon te houden.

Maar toen kwam de tijd dat de jonkies naar buiten wilden. Moeder Egel toonde hen de leuke hoekjes en vertelde hen over de gevaren. De kleintjes luisterden en knikten. Maar er was er eentje bij die niet goed oplette toen het over de grote, bange hond en de gemene, hebberige buurtkat ging. 

En op een warme, klamme nacht ging het verstrooide jong alleen op wandel. De hond had nog laat naar de sterren geblaft, maar was toen toch in huis verdwenen. Kleine Egel schuifelde tussen de lange rabarberstengels en een grote plant met lange kronkelige stengels en gele bloemen en probeerde in het maanlicht te komen. Dan kon hij zien waar het plonsbad gegraven was. Nog een paar pasjes en toen …

XYZ_1595

 

Of we …

… het zien zitten om ook een paar zomer-ganzentellingen te doen? Vroegen ze van Sovon. Het hoeft niet per sé in de wintertelgebieden die ons toegewezen zijn. Gewoon op waarnemingen.nl  invullen welke ganzen en hoeveel we waar gezien hebben als we er op uit trekken. En zeker ook een keer tellen op 18 juli.

Voor ons is dat een even goede reden als een andere om de kijkers en het fotomateriaal in de auto te laden en naar Luntershoek en de Putting te trekken. Vooral omdat we voor onszelf ook al een paar jaar proberen te volgen hoeveel en welke standganzen er in de streek blijven.

Bij het begin van het Groot Eiland hadden we gelijk prijs: wel 150 grauwtjes, ca. 20 “nonnetjes” (brandganzen) en ruim 30 van die (volgens mij aartslelijke) nijlganzen. We waren dus al niet voor niets op pad gegaan. Maar voor wat ganzen betrof, was dat dan ook alles. Bij de Putting, waar er anders altijd zitten, lag zelfs geen ganzenveer meer.

Maar wij laten ons niet zo gauw ontmoedigen. Er bestaat nog wel ander natuurschoon dan enkel ganzen. Tegen een “snelheid” van pakweg 10 km/u gemiddeld reden we door het Zeeuwse landschap, speurend en luisterend (nogal friskes met het raam open, maar dat moet je er dan bij nemen).

Grasmus
Een grasmus zat vrank en vrij zijn gedacht te zeggen in een bottelstruik langs de kant van de weg.
Blauwe reiger
Elke keer als we dit grasland passeren staat er een (deze?) reiger op datzelfde plaatske. ’t Is dat hij af en toe beweegt of zich verzet, want anders zou ik gaan geloven dat het een opgezette is.
BBC_0159 (2)
Pa roodborsttapuit kijkt of de kust veilig is.
Vrouwtje roodborsttapuit
Ma roodborsttapuit lijkt het niet helemaal te vertrouwen.
Roodborsttapuit, pas uitgevlogen jong
Maar de kleine is niet te stuiten: hij heeft lang genoeg in dat te kleine nest gezeten. “Ik vertrek!”
Akkerdistel
Distels: door iedereen verguisd, maar een wereld op zich. Kevertjes, bijen, vliegen, hommels, vlinders en zelfs vogels zoals de putter (of distelvink, dat zegt het vanzelf) vinden er hun gading.
BBC_0331 (2)
Een bruine vlek tussen het groen krijgt opeens meer vorm.
BBC_0358 (2)
Een bezorgde blik opzij …
BBC_0359 (2)
… en daar beweegt nóg iets.
BBC_0370 (2)
“Kom kleine, want ik vertrouw het toch niet helemaal”
(Roodwang?)schildpad
Bijna aan het oude sas ligt een overjaars kerstcadeau te zonnebaden. Op het eerste moment vroeg ik me af welke eend er op die tak zat. Kwestie dat je een idee van de grootte hebt.
BBC_9944 (2)
De grasmussen zijn goed gelukt dit jaar.
BBC_9948 (2)
En je kan ze geen overdreven schuwheid verwijten.
BBC_9968 (2)
3, 2, 1, …
BBC_9969 (2)
Lift off! We got a lift off!
BBC_9971 (2)
Een torenvalk hangt in opperste concentratie boven het grasveld.
BBC_9973 (2)
Zag ik daar nu een dikke kever?
BBC_9978 (2)
Nog even mikken en dan in duikvlucht …

 

 

Open kleuterschooldag …

Onze tuin is sinds eergisteren een echte kleuterschool. Zeker zo’n stuk of 4 nesten vol klein grut zijn uitgekieperd tussen onze planten, in de struiken, op de tegels en in/aan de vijver.

Het is aandoenlijk om te zien hoe spreeuwen-, merel- en mussenouders hun kinderen voor het eerst naar “school” brengen en effectief aanwijzen waar alles te vinden is en hoe je het moet gebruiken.

En dan kan het in de tuin zelfs tijdens het siësta-uurtje drukker worden dan op Schiphol:


“Kijk, kroost. Hier boven jullie kopjes hangt zo’n lang, rond ding met zitjes aan. Daar kan je op klauteren om bij het eten te komen. Gedraag jullie als het kan, vecht voor je hap als het moet.”

“En hier is het zwembad. Pas op dat je niet in het diepe valt! Blijf netjes in de speelrand om te plonsen en te drinken.”

“Je moet maar op één ding letten: als wij roepen dat jullie je moeten verstoppen, dan is die rotsperwer er weer. Dan moeten jullie diep in de haag gaan zitten en stilletjes zijn!”

“Oef! De klein mannen zijn naar school. Eindelijk een momentje me-time. Buuf, is er toevallig koffie met gebak vandaag?” 

Nog even een rondje tuin maken en eindigen bij de dienst Security. Jeppe vindt dat de nieuwe wijnrank “Vitis vinifera ‘Solaris’ ” maar beter bewaakt kan worden. Over de goudiep maak ik me een beetje zorgen. Misschien heeft ie gewoon een extra voetbadje nodig, zo af en toe. Ik moet er niet aan denken dat hij olmenziekte zou hebben!

Snel! Ze is er …!

Al merk je er voorlopig nog niet veel van. Maar de metereologische lente is echt begonnen. Ze gaat zelfs al meteen live

Een kort berichtje, maar ik hoop dat ik binnenkort weer wat meer op mijn eigen blogje(s) bezig kan zijn. Ik heb de techniciteiten van nieuwsbrief en website van onze dorpsraad (bijna volledig) onder de knie en dat werkt rapper.

 

Tot dan: geniet van die paar zonnestralen die af en toe komen aangewaaid!

Vertrouwen of overmoed ..?

Onze tuin doet het buiten verwachting redelijk goed, ondanks de droogte. En droog is het hier! Alles wat maar enigszins soelaas zou kunnen brengen, vliegt hier wuivend voorbij. Vanaf Terneuzen volgen de wolken de oever van de Westerschelde en ter hoogte van Ossenisse/Perkpolderhaven schieten ze op de overkant toe. Gisteravond dacht ik héél even dat er toch een piepklein buitje in zat. Maar veel meer dan een muggengezin met collectieve blaasproblemen was het niet.

Vanmorgen vroeg opgestaan om in de koelte wat in de tuin te kunnen wieden. Ik giet spaarzaam (1x per week) maar dan wél een flinke geut aan de voet van elke plant. Ergo: als er onkruid opkomt, is dat ook in de onmiddellijke omgeving van de planten. Ha ja. Om de twee weken dus een halfuurtje wieden en we kunnen er weer even tegen.
Een paar planten hebben het wat moeilijk, maar ik geef ze nog niet op. De kogeldistels waren bijna volledig verdwenen. Toch ging ik stug door met gieten en nu zijn ze er helemaal door (op één na). Vandaag en morgen nog eens een stand van zaken opmaken met het fototoestel.

De feeders worden dezer dagen gevuld met zomervoer dat ik bij Vivara kocht. Het is gepeld, waardoor je minder afval moet ruimen aan de voet van de feeder. En reken maar dat we voor die moeite beloond worden! Naast een zestal groenlingen die bij de buren wonen maar bij ons tafelen, hebben we sinds een paar weken een stelletje nieuwe gasten. Persoonlijk vind ik putters wat te kakelbont, en beetje clownesk zelfs, maar dat neemt niet weg dat ik hen graag te gast heb. Ze zijn intussen zo vrank, dat ze niet eens ophouden met smikkelen als een van ons er op een meter of 2 langs loopt. Hond Jeppe moet er het gemors in zijn pels maar voor lief bij nemen als hij te dichtbij gaat liggen zonnen.

Putters en groenling op de feeder.jpg

Jong leven in de tuin. Ik had al een tijdje het donkerbruine vermoeden dat een stel merels een nestje had achter de stapel reservedakpannen. Vanmorgen werd dat bevestigd door een nog pluizige telg, vers van de pers. Nog een geluk dat ik hem op tijd in de gaten kreeg, want ik wou net de lans op de vlinderstruik richten waar hij onder zat.

Jonge merel in de tuin

Vogels binnen handbereik: een blijk van goed vertrouwen of je reinste overmoed? Je zal van het laatste wat nodig hebben om het eerste te krijgen, zeker? En anders is het pure noodzaak om te overleven.

De kogel …

… is door de tuin. En er is niemand geraakt, da’s ook al iets.

Voorlopig is er alleen een offerte en een akkoord gegeven voor wat de Engelsen “hard landscaping” noemen. Slopen en afvoeren van het tweede oude tuinhuis, opbreken van een deel van de bestrating, afgraven van de klei-en-gravel fortificatie die de vorige eigenaar achteraan de tuin aanlegde, vijver verwijderen en alle troep afvoeren, plantklaar leggen van het border en aanleggen (achter het nieuwe tuinhuis) van een stukje bestrating om de kliko’s te zetten. Voor de achterblijvers in Vlaanderen: een kliko is zo’n afvalcontainer met 2 wieltjes en een klapdeksel dat óf op je handen kletst, óf vastvriest.

De prijs viel mee en als we niet oppassen zijn ze dat kot aan het afbreken vóór we de tijd gehad hebben om er nog uit te halen wat we willen houden. Het wordt de komende dagen dus toch wel even aanpakken. En ik wil dus ook nog wat foto’s maken van “vóór”.

Er is al even losjes gepraat over onze wensen voor de beplanting, maar daarvoor komt “de Johan” mee, want dat is de man die de plannen gaat uittekenen. Vast staat (zie de tags) dat er veel aandacht moet gaan naar het aantrekken van wild leven. Een goede spreiding in de tijd van de bloeiers om vlinders, bijen en andere snoepers ter wille te zijn. Zaad- en vruchtdragers, om de reislustigen onder de vogels op hun wenken te bedien. De kortstondige doortocht van een pestvogel in de straat geeft al direct redenen om aan Gelderse roos en dergelijke te denken. Onze palen met feeders moeten ook een (goed bereikbaar) plaatsje krijgen, zodat ik niet de helft van de aanplanting moet plattrappen om bij te vullen, maar het liefst zou ik ook de onderste helft van die palen wat “aangekleed” zien. De luxe nestkast die we vorig jaar ophingen ga ik vandaag nog weghalen, vóór we jong leven moeten kortwieken. Ik heb al een plekje in gedachten waar ze weer bewoners kan lokken. En omdat het zich laat aanzien dat het allemaal nogal rap gaat gebeuren, komt ze zeker nog in aanmerking voor een tweede broednest.
De vijver wordt vervangen door een waterornament dat moet voldoen als douche en drinkfontein voor gevleugelde bezoekers. Bovendien moet het voor een klankspel (zonder licht!) zorgen voor wie in de nabijgelegen tuinkamer zit te genieten van het werk van anderen, bij voorkeur met een koel glaasje wijn of een fris fruitslaatje bij de hand.

De volgende weken zal er hier dus ook weer wat meer beweging komen, want die foto’s neem ik niet alleen maar om ergens op een schijf te bewaren en nooit meer te bekijken natuurlijk. Ook tijdens de manoeuvres zal er gefilmd en gefotografeerd worden. En uiteraard moet er een aanplantingsplan op het scherm komen ook.

Ik ben al even curieus als jullie, denk ik …