Gebuisd over heel de lijn …

Een “gewone” werkmens zou al lang op de straatstenen gevlogen zijn voor minder, maar hier geraken we maar niet vanaf:

Milieuministers terug naar regeringen zónder akkoord

Dan maar de reeks die Loesje gisteren per uur deed groeien op FB, met de vraag om ze te verspreiden:

Advertenties

Groene en andere have …

Aan de behoeders van onze groene (en andere) have …

Tot mijn grote spijt was ik eergisteren niet in de gelegenheid om uw presentatie bij te wonen van het voorlopige masterplan voor ons dorpscentrum. Het onderwerp boeit mij sterk, ik had me ook aangemeld maar er zijn nu eenmaal prioriteiten in het leven.

Bij deze kan ik dus niet rechtstreeks reageren op de plannen die jullie met onze dorpskern hebben. Via Radio Couloir, de straat- en andere kranten heb ik flarden opgevangen van wat ons te wachten staat/kan staan. En daar heb ik eens een nachtje over geslapen.

Hoewel ik een fervent voorstander ben van het inperken van de macht van Koning Auto, wil ik bij deze toch enkele bedenkingen “in de groep gooien”. Ik geloof namelijk ook sterk in ervaringsdeskundigheid bij het bedenken van ingrijpende (en dure) maatregelen. Mag ik derhalve volgende gedachten en adviezen met u delen?

Als ik voldoende goed geïnformeerd ben, is het de bedoeling de gehele dorpskern autoluw te maken en uit te roepen tot blauwe zone, met parkings op een beoerkt aantal plaatsen. Autogebruikers die voor langer dan 1 uur willen parkeren moeten hun wagen maar aan de overzet achterlaten.
Er moeten weer meer winkels komen (momenteel staan er winkelpanden leeg en dit al gedurende ruim een jaar, maar so what?), er komt woongelegenheid voor ouderen en het plein rond de kerk wordt ook helemaal heringericht, met o.a. een “evenementenplatform” voor eh, tja, evenementen …(?)

Hoera! Driewerf hoera! Alleen …

Mag ik eens verwijzen naar Den Burg op Texel? Daar hadden ze ook zo’n evenementendinges. Dat hebben ze afgelopen jaar dus helemaal terug uitgebroken wegens onpraktisch.

Ik zou volgende oefening willen voorstellen, en ik hoop dat iedereen die mee moet beslissen over dit nieuwe plan, ook effectief die oefening meedoet. We hebben jarenlang een dinsdagavondstoet gehad in de gemeente. Waarom dit “evenement” niet nog eens dunnetjes overdoen? Het is echt de enige manier om die broodnodige ervaringsdeskundigheid te verwerven. Jaren geleden heb ik zo gedurende 6 weken kunnen ondervinden wat er bij ons op het werk allemaal moest aangepast worden voor rolstoelgebruikers. Onvoorstelbaar! En dan hadden we er daar al heel veel moeite en geld ingestoken (soms weggesmeten geld).

Huur/leen allemaal een rollator. Vertrek aan het veer en noteer hoe laat het is. Om het allemaal een beetje natuurgetrouwer te maken kan je een rugzak met (we gaan het niet te erg maken) een last van 5kg omhangen om de vitaliteit van de groep wat te minderen. Rollatorgebruikers zetten traditioneel ook maar kleine slepende pasjes, dus probeer ergens aan enkelboeien te geraken zoals die in zwaar bewaakte gevangenissen gebruikt worden.
Nu hoor ik u al zeggen: rollatorgebruikers rijden toch geen auto meer? Ze doen dat wél, eventueel hebben ze een chauffeur die hen brengt, maar ze willen wél nog zelf eens boodschappen doen “om eens onder de mensen te komen”. De meesten van hen zitten een hele week in hun huis te vereenzamen, dus willen ze nog wel eens een bekende zien.
Probeer nu zonder malheuren tot aan de Langestraat te geraken. Doe tussen het vloeken door een schietgebedje dat het voetpad daar niet op minstens 5 plaatsen onderbroken is door de afsluiting van een eeuwigdurende bouwwerf, zodat je op de rijweg moet gaan. Het zou ook nog kunnen dat het voetpad zelf open ligt. Maar meestal ligt het er alleen maar slecht bij.
Ga bij de slager om vers vlees en broodbeleg voor een week voor 2 personen (geloof me, dit doe je niet vaker!). Je hebt ook groenten nodig, want je eigen moestuin heb je opgegeven wegens te zwaar werk. Om te vieren dat je intussen al een pak wijzer geworden bent, haal je bij de bakker niet alleen brood maar ook een slagroomtaartje voor 4 personen. Omdat je ook nog ander werk hebt, mag je nu terug naar de parking aan de Scheldelei strompelen.

Ongetwijfeld is tijdens deze oefening een deel van de stoet écht (tijdelijk) geïmmobiliseerd geraakt. Laat hen deze oefening binnen enkele weken overdoen op krukken om naar de huisarts op controle te gaan (gemiddelde wachttijd 2 uur, dus te lang voor de blauwe zone). Wie wél nog op de been is, doet die oefening met een jankend, zeurend, koortsig, blafhoestend en snotziek kind van 20kg op de arm.

Oh ja, en dit vergat ik nog: doe deze oefening bij voorkeur als het gesneeuwd of geijzeld heeft …

Ik maak me sterk dat er in het centrum, onder de voorziene nieuwbouw en dat evenementending, een parking komt. Er is daar plaats. Er moet zelfs niet zoveel gegraven worden, want elk jaar verzakt de helft van de rijbaan spontaan. Om te voorkomen dat het plafond van die nieuwe parking instort, zou kunnen voorzien worden in iets wat al jààààren had moeten gebeuren: kies een baan buiten de dorpskern die verbreed en versterkt kan worden zodat het zware doorgaande verkeer uit de leefomgeving verdwijnt.

Of voorzie een (elektrische?) pendel tussen de langparkeerplaatsen en de dorpskern. Letterlijk laagdrempelig, want anders geraken de mensen met kunstheupen, krukken e.d. er niet op of af zonder nog meer brokken te maken.

Ver weg of dichtbij …

“Kijk nu toch, hoe mooi het licht valt op die vuurtoren en die schaapjes ervóór!”

Dan sta je waarschijnlijk bij zonsopgang of -ondergang op Texel, bij de Tuintjes, naar de vuurtoren te kijken. Bijvoorbeeld. En dan is het inderdaad een plaatje waard. En dan geniet je van de natuur, waar je toch algauw een uurtje of 3 voor onderweg geweest bent.

Het grote nadeel van wonen in Vlaanderen is dat we hier zo dicht opeen zitten dat er nog nauwelijks plaats is voor natuur. Dat drie grassprieten bij elkaar al snel met prikkeldraad worden afgespannen en het predikaat “natuurreservaat” krijgen en voor niemand meer bereikbaar zijn. Wat dan weer voor gevolg heeft dat je -in eigen land- soms ruim een uur moet rijden om nog eens een stukje bijna-ongerepte natuur te vinden.

Een mens wordt er mismoedig van. Ik bezondig mij er ook aan, hoor. Wij gaan al jaren niet meer naar onze eigen kust. We worden er even mismoedig van als van een zoo. Dieren in kooien, een kustlijn met een ononderbroken betonnen muur van hoge huizenblokken: what’s the difference? Er zijn mensen die me verzekeren dat er wél nog mooie stukjes kust zijn in ons land, maar ik moet al met een verrekijker en fotomateriaal slepen, als ik ook nog een microscoop moet meenemen hoeft het voor mij niet meer.

En àls er dan al eens een mooi stukje vlak bij huis is, zie je het op de duur ook niet meer want in je hoofd heeft zich het idee vastgezet dat dat niet kàn.

Maar dan merk je ook dat er veranderingen aan de gang zijn. In onze onmiddellijke omgeving zijn al minstens 3 akkers waar de jaarlijkse maïs recent vervangen is door grasland. Weer even een open blik op de wereld, want als er iets is wat ik haat aan maïs, dan is het dat het de wereld voor bijna de helft van de zomer afschermt. Hoog, donker en vooral: het blijft ook staan tot de zomer voorbij is. Pas in oktober krijg je weer de ruimte. Maar dan is het alweer bijna winter.

“Als je extra gewicht wil verliezen, kan je best vóór het ontbijt en nà het avondeten een flinke wandeling maken.”

Zei de coach.
Toen wandelgezel Jeppe zijn intrede deed, was dat meteen een feit en inderdaad, het helpt. Niet sensationeel, maar het helpt.

Het heeft ook voor gevolg dat ik sinds eind juni bij mooi strijklicht op pad ben. Voorlopig nog niet in het donker en ook niet bij hard middaglicht. Nee, dat mooie, gefilterde licht dat laag over de grond scheert en lange schaduwen werpt. En dat je ineens dingen laat zien die je al jaren niet meer hebt opgemerkt. Dichtbij, niet ver weg.

Een ochtendlijk doorkijkje vanaf de weg, over een vijver heen, naar het achterliggende veld. Of een weiland dat zich klaarmaakt voor de nacht. Een kladje ganzen dat een pasgemaaide akker gevonden heeft waar nog graankorrels te ritselen zijn.

En wacht tot de ochtendnevels komen!

DSCN1736bis

DSCN1734bis

DSCN1728bis

DSCN1730bis

 

Ja, hoor …

We leven nog. Het was hier de laatste tijd nogal stilletjes en zoals Menck al aangaf, is dat niet echt voordelig voor een blog. Maar ik adverteer niet graag wereldwijd dat we gedurende twee weken ginds waren. Ik heb weliswaar heel eventjes het stilzwijgen verbroken, maar ik mag hopen dat dat op zulk een neutrale toon was, dat niemand in de gaten had dat casa Affodil er verlaten bij stond.

Ik had dus wel toegang tot het internet en kon dan ook volgende mail lezen:

 
Ons doel is om samen met jullie deel te nemen aan het project DagenZonderVlees. We willen dus 40 dagen lang, minder vlees eten. Waarom we dat doen? Voor de planeet, je gezondheid, de diertjes en het welzijn van onze medemens. Toch is eten voor ons in de eerste plaats een moment van genot. Samen rond tafel zitten, en genieten van al dat lekkers… we hebben het een beetje tot onze levenskunst uitgeroepen.  Dus moet dat nu allemaal zo strikt? Zeker niet!
Dat is dan ook wat wij je voorschotelen: een makkelijke én lekkere oplossing om al zeker één dag per week veggie te eten.
 
We zijn dan ook heel trots om te melden dat woensdag (18/02) de eerste veggiemaaltijd van Peggy kan worden afgehaald in ’t Fruithof!
 

Begin je ook al te watertanden van haar linzengehaktballetjes met tomaten-champignonsaus en risotto? Stuur ons dan voor zondag een mailtje met je bestelling! Woensdag kan je deze lekkernij komen ophalen in t’ Fruithof en dat voor 7 euro per persoon.
Wil je liever zelf aan de slag? Dat kan ook! Bestel dan een pakket met daarin alle ingrediënten én het recept.
 

Droom je tijdens DagenZonderVlees ook van gezonde, kleurrijke smeersels voor op jouw boterham? Ook dan ben je bij ’t fruithof aan het juiste adres!

Wie bij ons was op dag van de klant, weet dat we al kaas gegeten hebben van veggiebroodbeleg. Nu zullen hummus (in verschillende smaken), veggie preparé (voor de kids of manlief), en zelfs veggie tonijnsla 40 dagen lang onze koelkast opvrolijken!

Wie al eens wil proeven van al dit lekkers moet deze zaterdagmiddag in ’t fruithof zijn!
 
Nog vragen? Stuur ze ons gerust!
 
Wij hopen dat jullie er zin in hebben!
 
 
 
Lekkere Groeten
Emma, Peggy, Peter en Jolien
 

Ik bedacht me dat dat wel een heel handige manier was om weer in de vegi sfeer te komen en schreef prompt in. Voor het kant-en-klare potje, of wat hadden jullie gedacht? Al kreeg ik ook nu het recept én hun zegen om dat met jullie te delen. Alles voor het goede doel, weet je wel.

Ik maak hier raar of zelden reklame, maar wie het ook eens wil proberen kan gaan spieken op de Favoriete recepten-pagina. Hou die dan ook de volgende weken in de gaten, want ik heb alvast de lasagne voor volgende woensdag besteld. Of het dus écht lekker was? Vaneigens dadde! Dus als je in de buurt van – zeg maar – Beveren woont is het niet zo ver rijden om dat ook eens te proberen. Op deze link vind je waar je moet zijn.

(Eco)logisch tuinieren…

ik werk (voorlopig nog even) op een campus waar – naast gras en aangeplant groen – ook nogal veel zogenaamd onkruid uitschiet. Bovendien is de ringweg om de gebouwen aangelegd met van die zandlopervormige schakelklinkers met grote voegen (en gras en mos) ertussen.

“Tstad” wil niet dat er nog onkruidverdelger gebruikt wordt, dus moet dat groen er op een andere manier tussenuit, willen we in het natte seizoen niet overstelpt worden met aangiften van botbreuken door glijpartijen. Eerder werd al eens gepoogd het “onkruid” te verdelgen door het met een soort vlammenwerper op wieltjes te verbranden. Met heel beperkt succes. Het enige wat op een gegeven moment grondig verbrand was, was de machine zelf. Bovendien gebeurde dit steevast tijdens zonnige dagen (als het regent krijg je het gras zeker niet in de fik) en dan kon je maar beter het raam van je bureau dicht houden – alle zon ten spijt – want anders verging je van de stank.

Rustiger en minder luchtvervuilend werd er opgeruimd op de taluds en puien: jobstudenten, gewapend met een oude patatschiller en een plamuurmes zaten 2 maanden te prutsen tot ze er bij in slaap vielen (letterlijk). Die ging ik dan al eens wakker schudden als ze te erg in de zon lagen. Kwestie van achteraf niet met zonnesteken te moeten afrekenen. Onnodig te zeggen dat het rendement van de operatie nogal mager uitviel, zeker? Het gras groeide rapper terug dan het weggepeuterd werd.

Dit jaar heeft men een andere oplossing gezocht: de voegen tussen de klinkers worden nu niet meer te vuur en te zwaard bestreden, maar met een soort borstelschuurmachine voor buiten. In plaats van zachte borstels zijn het er van stevig staaldraad. Héél efficiënt! Ik moet het toegeven. Maar dan …

Dan ligt al dat wiedsel nog rond te slingeren. En dus kan ik op dit eigenste moment vanuit mijn bureel waarnemen: 1 straatschrobmachine (mét lawaai en rookpluim van de motor), 2 bladblazers om alles op een hoopje te blazen (mét lawaai en rookpluim uit hun motor) en een bosmaaier die … ja, die wàt maait? (maar ook mét lawaai en rookpluim uit de motor).

Mijn werk (verrekeningen waar ik mijn gedachten zou willen bij houden) heb ik al aan de kant geschoven. Ik neem nu maar een vervroegde lunchbreak, in de hoop op betere tijden later deze dag. Best mogelijk dat ik intussen een paar telefoons en klopjes op de deur gemist heb, want ik heb oordoppen in. En zelfs als er zeven zonnen zouden schijnen zou ik er nog niet aan denken om het raam open te zetten, want zelfs door de (heel minieme!) kieren komen de uitlaatgassen naar binnen.

Eco logisch?