Zeeland …

Zeeland

De grote “stouw” is er een beetje vanaf. We hoeven niet zonodig meer de hele dag achter onszelf aan te zitten om “eerst nog dít, dan nog dàt” in orde te maken. Zo af en toe moet een mens zichzelf eens tracteren op een dagje niksen of een dagje eropuit. Zondag was niksdag, gisteren pakten we de fotospullen, de hond en een paar koffiekoeken mee en reden richting het noorden van de provincie.

Via de Westerscheldetunnel ben je zó op weg naar de gekende vogelgebieden waar we al jaren komen. Meestal steken we ineens door naar de Grevelingen en Brouwersdam, dus waarom het nu anders doen? De zon scheen, de temperatuur was best nog aangenaam al zat er een strakke wind. En wat gebeurt er dan? Iedereen die zich kan vrijmaken, komt op hetzelfde gedacht als wij. Dus aan Brouwersdam kon je zo ongeveer op de koppen lopen. Kitesurfers, strandzeilwagentjes die ook al – aan onwerkelijke snelheden – door kites over het strand getrokken werden, een beach volley tornooi (het gros van de terreinen stond onder water, dus hoe ze dat dan doen met de puntentelling?), …

Ik stapte met Jeppe uit voor een strandwandeling en sprak met Manlief af dat we elkaar terug zouden zien aan het eind van de strip. Jeppe kent het systeem al van op Texel, dus ik dacht dat hij het dolletjes zou vinden om even een frisse neus te halen. Nou, moe! De eerste 2/3 liep hij vooral achterste vóór te janken om zijn baasje en moest ik volle kracht gaan om hem toch mee te krijgen. En in dat mulle zand: da’s power training! Ik besloot dat het laatste stuk net zo goed langs de weg achter de duinen kon gelopen worden. De doorgang via het strand werd toch geblokkeerd door die volleyballers. Een paar honderd meter verder waren we weer herenigd en haalden we de fototoestellen boven.

De gebruikelijke routine: langzaam de dam langsrijden en de zee en de dammuur in de gaten houden voor vogels en zeehonden. Maar met de drukte aan de wal en de sterke wind viel de oogst tegen. We besloten koers te zetten naar het Veerse Meer. Ook daar hadden we niet veel geluk. Maar we hadden een fijn plekje aan de oever om onze koffiekoeken op te eten en de plannen voor de rest van de dag te bespreken. Het mag duidelijk zijn dat we nog ruim een maand te vroeg waren, want de omgeving krioelde nog van de toeristen. Bovendien zijn de gevleugelde wintergasten nog lang niet aangekomen. Daarvoor moet het in het noorden al eens flink koud geweest zijn.

Manlief kwam met een geniaal idee: als we nu eens “op ’t gemakske” op huis aan gingen, maar niet via de snelle weg over de A58, maar via de rijksweg 57. Niet de indrukwekkende Zeelandbrug over langs waar we gekomen waren, maar via de Oosterscheldekering bij Neeltje Jans. En vandaar zo dicht mogelijk bij de kust blijven rijden.

In Oostkapelle haalden we herinneringen op aan een midweek die we daar ooit doorbrachten in een peperkoeken huisje aan de rand van het bos. Charmant, maar wel vatbaar voor een update naar wat hedendaags gerief. En een huisbaas die het bestond om onaangekondigd en onnodig in huis rond te hangen terwijl wij er niet waren. Bij onze thuiskomst vielen we bijna dood, zo heet was het er. Niet moeilijk: hij had alle radiatoren open gedraaid. Iets wat ik in alle ongebruikte kamers meteen weer ongedaan maakte. Desondanks kregen we aan het eind een energierekening gepresenteerd die de huishuur met gemak oversteeg. Dat was dan meteen de laatste keer dat hij via de VVV verhuurd heeft, want na onze klacht aldaar werd het huisje meteen geschrapt uit het aanbod.

Domburg is bekend en valt duidelijk in de smaak bij de toeristen. We zullen het met graagte bezoeken als er wat minder volk rondloopt. Via Meliskerke naar Zoutelande. “Blij dat je hier bent”, want we kwamen stilaan tot de bevinding dat het helemaal niet nodig is om zo hoog te rijden als we vogels willen zien. Eens de kou iedereen naar huis gejaagd heeft en enkel nog vogelzotten zoals wij de ijzige wind trotseren, is dit een ideale streek om ganzen en andere trekkers te gaan spotten. Veel tijd gespaard, want op minder dan een uurtje van huis en dus ook geschikt voor een halve dag of een impulsieve ontsnapping. Via Vlissingen kwamen we weer aan de toltunnel.

De volgende expeditie blijven we zelfs aan “onze” kant, want dan gaan we richting Breskens. Het werd hoog tijd dat we onze nieuwe thuishaven en zijn omgeving en mogelijkheden beter leerden kennen. Een mens zoekt het altijd zo ver van de voordeur, he …

Advertenties

Zondagje niksen …

Gewoon een luie zondag, niets gepland, niets te doen. Lekker in de tuin met een drankje, een goed boek en – uiteraard en voor alle zekerheid – toch maar een fototoestel bij de hand, want je weet maar nooit …
Er zitten huismussen in de tuin, véél huismussen, en onze vertrouwde buren, de groenlingen. Uiteraard zijn de Turkse tortels weer aan het “stouwen”. Zelfs de putters zijn terug van even weggeweest.
En dan zit er opeens een tortel bij die niet helemaal in het plaatje past.

zomertortel

Blij dat deze zomertortel nog even gedag kwam zeggen vóór hij/zij aan de lange reis begint naar de winterresidentie. Het zag er nog een jonkie uit, want het grijs is nog niet zo diep van toon als bij de volwassen dieren, maar vergissen zat er toch niet in.

Goeie reis, vriend, en wees voorzichtig onderweg. Meer naar het zuiden schieten ze eerst, vóór ze vragen stellen …

Er zijn verkiezingen op komst zeker ..?

Het is de laatste tijd vrij stil rond BDW. Ik denk dat hij door zijn voorraad Latijnse spreuken zit.

Vandaar dat hij het tegenwoordig overlaat aan zijn secondant om Franck(en) en vrij de controverse op te zoeken. Wat daarbij opvalt is dat deze would be politicus zich ook zo graag bedient van de sociale media om zijn stommiteiten aan de wereld te presenteren. En dat hij even zovele keren zijn slechte smaak en zijn misbaksels moet schrappen. Aan wie doet mij dat nu weer denken?

“Lang leve de man die al die ongein niet nodig heeft om zich goed in zijn vel te voelen”

Lang leve de politicus die het niet nodig heeft om te provoceren om stemmen te halen. Maar dan moet je écht iets te zeggen hebben, he …

Kdochtetnie …

Zo, hier zijn we weer. Hoewel het nu buiten echt spannend wordt met de trek die volop op gang komt, had ik de afgelopen dagen weinig te melden wegens vooral binnenshuis. Afgelopen woensdag kreeg ik namelijk een herstellinkje aan de motor (3 stents) en dan kan je niet veel verder kijken dan de parking van het ziekenhuis en de volgende dag de weg naar huis.

Inmiddels zijn we een paar dagen verder en wijzer. Wat na-OP klachtjes en de ervaring van nieuwe (hopelijk tijdelijke) limieten die je maar beter kan respecteren. Zo lukt de normale afstand van de avondwandeling met Jeppe wel weer, op voorwaarde dat ik mijn tempo wat aanpas. Dacht ik vanaf volgende week – uiteraard onder streng toezicht van de fysio en de arts – al aan de revalidatieoefeningen te kunnen beginnen, dan hielp men mij snel uit de droom. “Rust maar even uit gedurende een week of 3-4. Dan zal de cardioloog wel zeggen wanneer het weer kan”. Zo, zo.

Ik ben ontzettend blij dat we vorige week nog een najaarsvakantietje geboekt hebben, want als ik de agenda voor de e.k. weken bekijk word ik al ziek van de medische afspraken alleen. Naast onze “normale” periodieke controlebloedprikken en het ophalen van de resultaten, moet ik toch ook even langs de huisarts om hem op de hoogte te stellen van mijn wedervaren in het ziekenhuis en hem het verslag van de cardioloog te overhandigen. Er staan een netvliesscan op het programma, een tandcontrole, een laserbehandeling bij de dermatoloog, de ECG-test en het na-gesprek met de cardioloog.

Komt er gisteren ook nog een uitnodiging voor het intake gesprek voor een opvolgbegeleidingsprogramma… Ik zal wel naar die intake gaan en braaf de vragenlijst beantwoorden, maar ik rij niét elke keer naar een fysiobehandeling in Terneuzen, als ik die hier om de hoek ook kan krijgen. “Onze” vertrouwde therapeuten (even bekwaam als die in Terneuzen) hebben de sportschool ter beschikking voor de oefeningen en de huisarts zit twee deuren verder in hetzelfde gebouw, in case of emergeancy… Ik weet niet hoe lang zo’n begeleiding duurt, maar volgens mij gaat die overlappen met de revalidatie van Manlief zijn op handen zijnde 2de knieprothese. Als ik mijn tijd, aandacht en autobrandstof moet verdelen over 2 fysio’s, krijg ik zo’n volle agenda dat ik beter had kunnen blijven werken.

Kdochtetnie …

Test … o … steron, test … test …

Een hond in het gezin heeft het voor- en tegelijk het nadeel, dat de baasjes voldoende beweging krijgen in de vorm van de dagelijkse rondjes, graag of anders. Nu heb ik daar meestal geen problemen mee, maar een luie dag zit er dus niet in.
Na het avondeten trok ik dus mijn wandelschoenen aan, griste en passant mijn ID-kaart, gsm en voorraadje hondenpoepzakjes mee en – o geluk! – dacht er nog net op tijd aan om ook de hond mee te nemen. Die had zin om eens een andere dan de gewone avondtour te doen. Lees vooral: een langere. Langs de kerkhofdreef en het patattenveld (dit jaar toch, vorig jaar stond er maïs) en dan zien we wel weer of we links of rechts de Zoutelanddijk op draaien.

Het is me al vaker opgevallen – en in ons dorp is het niet anders – : tegenover een kerkhof vind je vaak een rust- en verzorgingstehuis. Hier is het een splinternieuw, geopend in mei en met grote kamerbrede en -hoge ramen, die uitgeven op een ruim balkon met uitzicht op … juist, ja. Er is nog net een discrete buffer, bestaande uit een dubbele rij oude huisjes waar oudjes zelfstandig kunnen wonen, maar toch dagelijks hulp en verzorging krijgen. Er zijn steeds minder huisjes bezet, want omdat ze nog amper beantwoorden aan de hedendaagse normen, mogen er geen nieuwe bewoners meer aangetrokken worden. Komt er een huisje leeg te staan, dan blijft dat zo tot de laatste gast vertrekt naar de overkant van de straat. Dan zullen ze worden afgebroken.

Nu woont er in één van die huisjes een meneer met zijn hondje, een klein wit westieke. We hebben elkaar vorige zomer nog een paar keer ontmoet tijdens het hondenuurtje, maar dit jaar zie ik hem niet meer. Waarschijnlijk willen de benen niet meer mee. Het hondje laat zichzelf nu uit, op elk uur dat het geschikt vindt. Waarschijnlijk staat de deur constant open, zodat het beestje in en uit kan lopen naar believen en behoefte. En naargelang er zich andere honden aandienen in de dreef. Hij – het is een kranig kereltje (de hond bedoel ik) – komt tussen de huisjes door naar de dreef gelopen als wij er passeren en fixeert Jeppe. Jeppe blijft dan staan en fixeert het westieke. Dan begint het stoefen en meten, overigens zonder boosaardigheid of agressief gedrag.

Vanavond was het niet anders. Ik had zelfs de indruk dat Jeppe met opzet rond een dot gras bleef draaien tot de ander hem in de smiezen had. Jeppe besloot de schermutseling te openen door zijn poot op te heffen tegen een betonnen paaltje. “Dit is míjn paal”, seinde hij met zijn pose. Komt dat kleine mormel aan de andere kant van dezelfde paal zijn poot opheffen. “Deze kant is toch van míj!” Waarop Jeppe: “Maar ik kan toch hoger plassen!”. Mormel was helemaal niet onder de indruk want “ja, maar ik kan tenminste richten. Bij jou is ’t er altijd een meter naast”. Enfin, minstens vier keer heen en weer, tot ik me er mee moeide. “Jeppe, kom jong. Als ik hier moet wachten tot het vat af is, kunnen we ineens aan de ochtendwandeling beginnen”. Jeppe staakte  het vuren (nou ja) en volgde. So did Westie. Op een respectvolle afstand van een meter of tien. En elke vlag van Jeppe werd met zorg overvlagd. Tot die dat in de gaten kreeg en bleef staan. Ik zàg hem twijfelen … “Jeppe, als ge ook maar overweegt om terug te gaan om er nog eens een poot hoog boven te houden, dan gaan we ineens naar huis, he gast”.

Waarna “gast” zich omdraaide en op hoge poten verder stapte richting Zoutelanddijk. Westie draaide zich ook om en liep – een heel eind korter bij de grond – weer naar huis.
Tot de volgende keer …

Layout uitgelegd …

Een uur of wat geleden las ik Djaktief’s uitroep en reageerde dat zij zich vooral zélf goed moet voelen bij haar nieuwe blogbehangetje. Waarbij ik mij realiseerde dat ik bij de vorige makeover van mijn eigen blog ook niet 100% overtuigd was, maar mezelf de tijd wou gunnen om te wennen.

Die makeover is nu alweer even geleden, ik ben wel gewend aan het uitzicht, maar onverdeeld tevreden voelde ik me toch niet. Hoewel de volledig uitgeschreven inhoud van de pagina’s (in de zijkant en niet als uitklapper onder de titel) voor een aantal nieuwe nieuwsgierigen zorgde, was ik niet gelukkig met die ellenlange opsommingen in de kantlijn. Categorie, tags, reacties en bewerken stonden ook ergens onhandig te wezen onderaan.

Bij deze heb ik dus mijn eigen advies gevolgd en ben weer op zoek gegaan naar een kakelvers behangetje. Het was even uitproberen, naast elkaar leggen, dumpen, overhouden en weer vergelijken. Nadrukkelijk gekleurde achtergronden komen voor mij al niet in aanmerking. Vaak hebben ze ook nog gekleurde tekst en dat bevordert de leesbaarheid niet. Bovendien vind ik het huidige “Lovecraft” wel fris ogen. Het fijne lijntje rond de foto’s maakt het àf. De header moet nog aangepast worden. Misschien volstaat het een andere uitsnijding te kiezen. Het andere uiterste is dat ik mijn fototoestel neem om te gaan koppensnellen. Of het wordt graven in de digitale fotodoos. We zien nog wel.

Hopelijk hebben jullie er evenveel plezier van als ik …

Rondje Grenspark …

Na de vlucht voor de hitte en het schuilen in het donker, was er deze week eindelijk nog eens tijd om een rondje Grenspark te maken. Een aangename temperatuur, een niet te harde zon en ons fotomateriaal volstonden om ons een paar uurtjes aangenaam bezig te houden.

Niet dat er écht veel te zien was. Maar wàt voor ons oog (en onze lenzen) opdook, was wel de moeite waard.

Een jagende torenvalk hing boven de Scheldedijk te bidden. Blijkbaar werd zijn schietgebedje verhoord, want plots dook hij naar de grond. Het is ons evenwel niet bekend of er daarna een “Heer, zegen ons” volgde of een resem vloeken omdat de buit alsnog ontsnapte.

Jagende torenvalk (1)

Jagende torenvalk (3)

Deze jonge buizerd had in elk geval succes geoogst, want hij zat zich tegoed te doen aan een flinke buit. Hoog boven ons hingen nog een jong en een oudervogel. Het jong liet bedelende piepjes horen, maar ik denk dat de oudervogel antwoordde dat kroost nu maar eens een voorbeeld moest nemen aan broer/zus en zelf zijn kostje bijeen moest scharrelen.

Jonge buizerd met prooi

Vandaag kregen we nog eens voorname visite in de tuin. Hoewel de floxen er intussen alles behalve decoratief bij staan, vond deze vorstelijke vlinder ze nog wel een uitvoerig bezoek waard.

Koninginnepage (4)

 

Koninginnepage (6)

En ja, hoor. We hebben nog wel een paar weken zomer in het vooruitzicht. Maar toch merk je al onrust in pluimenland. De nog aanwezige zwaluwen beginnen zich te groeperen. En in de Hellegatpolder was het ook al spitsuur:

De troepen verzamelen _