Beetje bij beetje …

… begint het er op te lijken in de tuin.

Donderdag kwamen, zoals afgesproken, de mannen van het tuinhuisbedrijf tegen 8:00 bij ons aan. Tien bloedhete uren en een kletterend onweer later was ons nieuwe tuinhuis af, op een paar kleinigheden na (raam afkitten, een paar plintlatjes plaatsen, …). Dat werd de volgende (al even bloedhete) namiddag gedaan, waarna onze werkmensen aan een verdiende vakantie konden beginnen.

DSC00011

Rechts is nog een stuk van de oude, onstabiele tuinafsluiting te zien. Na het bouwverlof komen ze ook die vervangen, samen met het gammele tuinhek.
Intussen kunnen wij beginnen aan het inrichten van het gesloten gedeelte, waar naast de fietsen ook het tuingereedschap, de ladders en nog een hoop andere rommel een plaatsje moeten vinden.

Mag ik heel eerlijk zijn? In het begin dacht ik: “wat een monster”. Niet het tuinhuis op zich en al helemaal niet de afwerking. Maar de gekozen afmetingen leken me totaal buiten proportie te zijn. Ik durfde het niet hardop zeggen, maar ik had zin om te huilen. Als ik er tegenover ging staan, staarde ik recht in een enorm open gat (de deuren had ik al toegedaan omdat ik twee zulke gapende wonden niet aankon). “Hoe moet ik die bunker ooit in die tuin verwerkt krijgen?” Het bleef als een onaangename mantra door mijn hoofd galmen.

Ik heb er een lange nacht wakker van gelegen. Maar tegen de ochtend zag ik het al ietsje rooskleuriger in. Het komt er op aan het ding aan te kleden, zodat je niet meer alleen zoveel vierkante meters bloot hout ziet, maar ook kleur en een gezellige plaats om tijd in de tuin door te brengen. Tot op dat moment was het tuinhuis naar de tuin gekomen. Nu is het tijd dat de tuin ook toenadering zoekt.

DSC00018

Het centrale “Gele Plein” wordt definitief geen gazon. In de plaats daarvan zie ik in gedachten (op de plaats waar nu die potten staan) een kleine waterpartij (liefst strak van vorm, beetje als een granieten pompbak met één of ander spuitstuk erin (vb zoiets ) of een borrelsteen ( à la … ) met grote keien errond die de klinkers in het midden verstoppen. Op die manier kan de afwatering ook blijven waar ze is. Het regenwater vindt zijn weg wel tussen de keien. Zo hebben de vogels er ook nog wat aan. Ze kunnen er komen drinken of een badje pakken. En wij bekijken dat tafereeltje dan vanuit onze luxe vogelkijkhut …

DSC00014

De straatkant (en denk er dan de nieuwe afsluiting bij, zonder kijkgaten vanaf en naar het steegje). Ik heb nog een ruif (hooikorf voor vee) liggen, die ik aan de afsluiting wil hangen met bloemen erin. En waar de terracotta potten staan, komen de grote die ik voorlopig even op de vorige foto gezet heb. Ook met bloemen en kuipplanten. Wéér een deel hout verstopt en een flinke pluk kleur toegevoegd. De parasolvoet staat daar heel ostentatief overbodig te zijn, maar ik kreeg er geen beweging in om de foto’s te maken. Waar gaan de terracotta potten naartoe, vraagt u. Dat leg ik uit bij het volgende plaatje.

DSC00021

Want dan komt het volgende dilemma op de proppen: de huidige tafel en stoelen in de kijkhut en een kleinere tafel met een paar stoeltjes voor aan het keukenraam voor ons twee? Als we 2-3 keer per zomer visite krijgen om daar te gaan zitten bbq-en, dan zal het “hartstikke” druk geweest zijn.
Of de tafel en de stoelen laten staan onder de zonnetent, dicht bij de keuken (aangeven door het keukenraam doen we nu ook al) en het afdakje rechts (waar stroom voorzien is) gebruiken om de elektrische bbq te zetten als hij eens per abuis uit zijn schuilplaats komt? Met de genoemde aardewerken potten hier rechts op de foto, gevuld met tuinkruiden en dus lekker dicht bij de keuken, de buitentafel en (allez, vooruit dan, de bbq)? Dan kan er een lekker luie loungeset in het tuinhuis komen. Ik opteer voor dat laatste…

Uit de (Zeeuws) Vlaamse klei getrokken …

Onze nieuwe tuin heeft ongeveer de oppervlakte van de voortuin in Kruibeke en als alles goed gaat wordt daar volgende week nog een flinke hap van afgepakt als het nieuwe tuinhuis geleverd wordt. Weliswaar op een plaats die verhard en dus heel onderhoudsvriendelijk is. Maar toch. Aan het uitzicht zal er heel veel veranderen. Er gaat dan weliswaar een oud kot tegen de vlakte, maar daar moet een struik komen die de hoek van de tuin opvult.

Ik had eerder al aangegeven dat er nog wel wat hard landscaping aan te pas ging komen om er iets van te maken waar wij tevreden mee kunnen zijn. Manlief heeft intussen een flink stuk landschap gecorrigeerd en ik heb daar vandaag mijn labeur aan toegevoegd. En labeur is het! Dat is hier pure klei, mannekes! En met dat weer van de laatste tijd is hij nog bien quit ook. Bij momenten is het precies of ge zijt in een bakstenen grondplaat aan het schuppen/hakken/… whatever. Ikke dus al heel blij dat ik vandaag maar de helft van die border op de agenda staan had. De andere helft zal nog efkes moeten wachten want de hortensia’s die daar weg moeten, staan net in bloei, dus dan kunt ge die beter met rust laten.

Vóór ik iets in de grond kon steken heb ik er eerst héél véél uitgehaald. Wat die vorige eigenaar in gedachten had weet ik niet, maar met de klinkers die ik opgegraven heb kunt ge bijna een extra parking aanleggen voor de supermarkt hier in het dorp. Als alles op orde is en we er zeker van zijn dat we er geen van nodig hebben, mag de eerste de gereedste liefhebber van getrommelde vierkanten klinkerkes er zijn rug op creveren om ze gratis en voor niets te komen halen.

Bleef over: een stuk keiharde klei, die gebroken moest worden en klaargemaakt om er planten in te kunnen aan de groei krijgen. Ik heb er eerst en vooral wat zand onder gemengd om hem losser te maken en dan grondverbeteraar onder gemengd. Hier en daar waren er kleikluiten die zó hard waren dat ik ze letterlijk uiteen moeten weken heb door er water over te sproeien. Alleen op die manier kon ik ze klein krijgen.
Tegen die tijd was ik allang blij dat ik achter een boterham en een kop koffie kon gaan schuilen.

Na de middag kwam dan het plezante werk: bloemekes planten! Er zitten nog flinke gaten tussen, maar dat is ook de bedoeling. Daar moeten in het najaar bollen in. Er is ook nog wat ruimte gelaten voor planten die later in het jaar op hun best zijn (en dientengevolge pas dàn in de handel verkrijgbaar). Eerst maar eens zien hoe deze het gaan doen. En als dan de andere helft van de border ook vrij komt, is het makkelijker om er één geheel van te maken i.p.v. twee helften.

Omdat het stuk achter de vijver vooral in blauwtinten komt (lavendel, festuca, irissen) heb ik voor deze border vooral voor warme rood-en-oranje tinten gekozen. Veel bloeiers dus, maar er gaan ook nog bladplanten tussen komen.

Fase 1 ziet er dus nu ongeveer zó uit:

 

Het zenegroen vooraan heb ik vooral voor zijn prachtige blad gekozen, hoewel de vroege bloei zeker zal geapprecieerd worden door bijen en vlinders.
De helleborussen had ik in bakken meegebracht uit Kruibeke. Vandaag konden ze eindelijk weer in de volle grond. Als ik eenmaal weet welke de verhuis overleefd hebben (de naamkaartjes zijn verloren) kan ik ook mijn verlanglijstje voor volgend jaar opmaken.
Vooral voor het contrast in bladkleur en -vorm, heb ik er een paar zeedistels naast gezet. En ook daar gaan de insecten blij mee zijn.
Zonnehoed mag ook niet ontbreken. Ik wil er ook nog wel een gele en een oranje soort bij, maar die vond ik nu niet.
Een grappig plantje vind ik het duifkruid. Met z’n donkere bolle hoofdjes trekt het zeker de aandacht. Als je dan dichterbij komt, zie je de subtiele witte puntjes tegen het bijna zwarte paars.
Hetzelfde donkere paars – maar in een veel strakkere vorm – komt wat verder terug met de calla’s. Maar daarvoor moet je eerst voorbij de oplichtende daglelie’s.
Niet echt míjn ding, maar voor Manlief een echte favoriet, zijn dahlia’s. Ik vond deze mooie grote plant in vurig rood. Ik denk aan felgele en witte versies voor het tweede deel.
Om de scherpe lijnen van het kruispunt achteraan wat te verzachten koos ik een rozig siergras, maar nu kan ik toch even niet op de naam komen. Morgen eens het kaartje opduiken vantussen de plastic potten. Ach ja, O!leander is ook meegereisd. Hij ziet er voor ’t moment een beetje bleekjes uit, maar ik hoop dat hij snel weer op zijn positieven is. Wel eentje om een warm jasje aan te trekken in de winter.

En terwijl ik met mijn neus vlak boven de grond bezig was, heeft mijn halve trouwboek een houten scherm geplaatst om de kliko’s (vuilbakken in ’t schoon Vlaams) aan het oog te onttrekken. Een proper afgeschermd rommelhoekje waar nog een paar struiken tegen komen en de catalpa een hoed op zet. De druivelaar die tegen de achterwand loopt, maakt het àf. Zó àf, dat Manlief dààr gaat zitten genieten van de tuin. Bij de vuilbakken …

It’s four in the morning …

… maar nog niet the end of december, dus het is niet het sonore geluid van Leonard Cohen dat me wekt luttele seconden vóór de kerkklok het uur bevestigt. Op het licht van een straatlantaarn na is het nog aardedonker buiten. Ik sluip naar beneden naar de tuin en zit in mijn eentje te genieten (geluid van pc goed open draaien!):

 

 

Weer in de pas …

We zijn alweer twee weken thuis uit vakantie. Twee weken die naast druk ook tropisch warm waren (vooral de laatste, dan).

Twee weken waarin we wel vaker tegen elkaar gezegd hebben dat wat we vooral op de Wadden zoeken, in feite grotendeels op onze huidige drempel ligt. De rust, de nabijheid van de natuur en het water… OK, geen vogelboulevard zoals op Texel, maar dan ook niet de horden toeristen die nu het eiland onveilig maken. Het besef dat die paar kampeerders in Hengstdijk (gelukkig) niet op kunnen tegen de bootladingen volk die vanaf nu van de Texelstroom en de Dokter Rademakers rollen.

Alles is gelopen zoals het moest. Het beste hebben we gekregen en de rest kunnen we nog altijd in een vakantie stoppen. Al ga ik er de volgende keer beter op letten dat de lange weekends van Hemelvaart en Pinksteren er niet meer in vallen, want het was er nù al erg druk.

De buren hebben de brievenbus leeg gemaakt, de bloemen water gegeven en de kliko naar buiten gereden. Afgelopen woensdag zijn ze op de koffie – en vooral op iets frisser – geweest om eens beter kennis te maken. Het was een gezellige boel. We zijn goed terecht gekomen.

De volgende week – hoop ik – worden de omheining en één van de tuinhuisjes gesloopt en vervangen. Manlief heeft de overdaad aan te smalle, onbegaanbare paadjes gereduceerd zodat er nu één pad richting kliko’s loopt, geflankeerd door twee borders van een meer gangbare omvang. Met een beetje geluk kunnen de tegels nog vóór de winter vervangen worden. Anders wordt dat een project voor volgend voorjaar.

 

Inmiddels hebben we ook de eerste (privé)les in de hondenschool gehad. De hondjes mogen oefenen en de baasjes krijgen huiswerk mee. 🙂
De eerste opdracht was om een videoportret van hondlief te maken dat ook een beetje illustreert wat je graag gecorrigeerd wil zien of waar je een oplossing voor wil vinden.
We zijn alvast met een 10/10 begonnen:


Jeppe kan écht wel mooi aan de voet lopen, maar als zijn neus in een reukje valt, is hij pleite. Op de vlakte bij het haventje is dat nog niet zo’n probleem, maar met een neus vol fazant, haas of patrijs merkt het ventje niet meer dat hij de rijbaan op rent en dat daar dan af en toe ook nog wel eens verkeer kan zijn. En waar ik misschien nog méér mee zit: dat het geen fazant, haas of patrijs is (die laat hij toch ontsnappen), maar iemand’s kat. Want die gaat dat niét meer doorvertellen!
Vervolg op 10 juli als we de eerste groepsles hebben.

En bij het begin van de zomer hoort ook een nieuwe header: ik krijg maar niet genoeg van het zien van die blonde akkers vol wiegend koren. De gerst wordt nu binnen gehaald. (Ik kan het niet helpen dat ik me dan afvraag hoeveel frisse pintjes daar staan te groeien… 😉 )

IMG_20170621_205640

 

Elfenhuisje …

Onze nieuwe thuis wordt elke dag een beetje méér ons droomhuis. Ik heb me ook voorgenomen om me te verdiepen in de lokale geschiedenis en legenden en daar horen ongetwijfeld ook figuren bij uit de twilight zone. Schimmen met een onduidelijke afkomst. Van de soort die je liever niet tegenkomt in het donker. Maar ook van de soort die je maar al te graag naar je tuin wil lokken.

Hier heeft het gros van de lezers inmiddels afgehaakt met het vaste voornemen om hier niet meer te komen lezen “omdat Affodil het nu helemaal kwijt is”. Voor de die hards ga ik graag door met mijn uitleg.

Via het smoelenboek kwam ik een tijd geleden op het spoor van Elfendeurtjes . En ik bedacht me dat tuinvogels voor ons al even magisch zijn als feeën, kabouters of elfen voor kinderen. Dus waarom zouden we die sprookjesachtige wezentjes niet de kans geven om in een écht elfenhuisje te gaan wonen?

Voor dit broedseizoen zal het een beetje laat zijn, want onderstaande vogelwoonst krijgt pas eind juni een plekje aan het nog te bouwen tuinhuis. Maar ik weet heel zeker dat er genoeg gegadigden gaan zijn die hierin een nestje jongen willen grootbrengen.

Een speciale dankuwel aan Dorien, die deze (nog?) niet erg vertrouwde bestelling wilde uitvoeren.

IMG_20170513_133938

Die ochtend aan het ontbijt …

 

… was er een grote verscheidenheid aan gasten die kwamen aanschuiven. Zelfs soorten die we in Kruibeke nooit aan het buffet hadden (voor zover we weten): spreeuw en distelvink.

Ze kwamen in paren of single. Sommigen hadden alle tijd, wegens vakantie. Anderen moesten zich haasten om nog gauw hun lesmateriaal mandenvlechten bijeen te zoeken…

Brutaaltje …

Donderdag één van onze laatste en voornaamste attributen opgehaald op onze oude stek. Gisteren heeft Manlief het voederstation een nieuwe plaats gegeven, goed in het zicht van de veranda. En binnen de paar uur kwam dit brutaaltje aanschuiven. Hij zag me heel goed staan in de veranda, keek regelmatig recht in de lens. Maar hij is niet eerder vertrokken dan dat hij zijn buikje vol gegeten had aan het laatste wintervoeder dat we nog hadden. Ik serveer liever nog even door tot het op is, dan het oud te laten worden in het schuurtje.

Laat één ding duidelijk zijn: deze groenling weet wat hij/zij lust en wat niet. Gelukkig kwam even later een merel opruimen onder de cilinder …