Toen werd het zomer…

Eindelijk! Na maandenlang zoeken in kasten en het uitmesten en herschikken van kratten, kwam ze tevoorschijn. Verfrommeld als een oude krant, onder de vlekken en het stof, maar willing and able om weer aan de slag te gaan: de zon!

De terrasjes ontploften meteen van de bedrijvigheid, de door kou en regen verzuurde gezichten van de mensen klaarden weer op tot een glimlach en de donkere dikke winterkleren maakten plaats voor vrolijk gekleurde topjes, kleedjes en hemdjes.

Na een paar dagen – toen het nieuwe er een beetje van af was – begon het gezeur opnieuw: te warm, te klef, “het-is-er-weer-over”, …

Is het dan nooit goed? Zelfs niet als we tot minstens eind deze maand de tijd hebben om aan het mooie weer te wennen? Je moet er natuurlijk een beetje verstandig mee omspringen en niet op het heetste van de dag in volle zon je hele gazon gaan omspitten. Op tijd een frisse (geen koude!) slok om niet uit te drogen, liever meerdere korte pauzes dan 1 lange en dan liefst in de schaduw, een beschermend smeerseltje op de huid, …
’s Avonds aan de bbq, geen of weinig vaat, veel tijd om nog in de tuin rond te hangen tot je door de muggen naar binnen gejaagd wordt, … Dan is dit weer toch goed vol te houden?

Ik ben er in elk geval mee in mijn nopjes! Op de woensdagen na (dan moet ik tussen 2 campussen sleuren met een laptop, dossiers en nog van alles) ben ik nu toch echt bekeerd tot de fiets. Zelfs gisteren namiddag was het nog leuk, want al fietsend maak je zo een beetje je eigen wind. Bovenop het prettige briesje dat kort na de middag opstak en wat verkoeling bracht. Je mag je natuurlijk niet gaan meten met de Tourrenners, want dan is het maar wiedes dat je dampend van het zweet en met de mond open aan het veer uitkomt. Ik rij voor mijn plezier, probeer niet tegen beter weten in toch nog die vroegere  boot te halen (ik wéét gewoon dat die net voor mijn neus vertrekt, dus ik voorkom die frustratie) en geniet van de beweging.

Je ziet en hoort ook zoveel meer op de fiets. Ik heb het geluk dat ik een heel eind langsheen een park rij en op de buiten woon. Vooral ’s morgens om half zeven heb je dan ruimschoots kans om de vogels te horen zingen, af en toe een specht tegen een boom te zien hangen, een eekhoorn over het fietspad te zien flitsen. Zalig!

Na een halfuurtje peddelen is er het altijd fijne intermezzo op de overzet. Fiets in het rek, op de voorplecht uitkijken over het water. Het is en blijft een echte fysieke grens tussen werk en thuis en als je dat wil, kan je alle besognes op de oever achterlaten. Dat gevoel heb ik nooit als ik met de auto onder het water door rij. Puur het zien van het losgooien van de tros, het opstomen van de motor (al is het geen stoomboot, maar ik vind dat een leuke term) en het loskomen van de kant… Het lijkt elke keer een beetje op vakantie, maar dat heeft waarschijnlijk te maken met het feit dat wij nogal fervente eilandgangers zijn. Nothing can beat the feeling!

Van vakantie gesproken: afgelopen weekend hebben we de knoop doorgehakt. Dit najaar wordt het eens géén eilandvakantie. We blijven op het vasteland, maar toch wel aan de kust. En wat voor een kust! De Côte du Granit Rose in Bretagne. Louannec, op 4km van de rotskust, op 6km van Perros-Guirec, op enkele stappen van de oesterkraampjes, wordt onze thuishaven voor twee weken. En hopelijk overwegend met mooi weer, maar toch ook eens een echte storm die de golven tegen de rotskust gooit. Dat moet je meegemaakt hebben als je daar toch bent.

Ik kijk er al naar uit. Ik moet alleen wel oppassen dat ik niet te ver wegdroom als ik op de fiets zit…

Advertenties

2 gedachten over “Toen werd het zomer…

  1. We beginnen eindelijk – op een vergeten stuk hier en daar na – over behoorlijke fietspaden te beschikken en ik moet eerlijk zeggen: tegenwoordig doen de automobilisten ook een beetje meer hun best om de fietsers heel te laten. Waar ik die paar keer dat ik vroeger met de fiets kwam bijna gek werd van de intimidatiepogingen van chauffeurs (en ik zag het ook vaak gebeuren als ik zelf aan het stuur zat of te voet ging), zijn de meesten nu toch een stuk voorzichtiger en hoffelijker, vooral aan oversteekplaatsen en wegversmallingen. De (even veralgemenen, maar het klopt in hoge mate) Audi’s en BMW’s niet te na gesproken. Maar die moeten meestal de deuken en krassen toch niet zelf betalen, want de auto is eigenlijk van de firma…

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s