Introspectie …

Ik kreeg vanmorgen een kattebelletje in mijn mailbox en vond dat wel een goede bron van inspiratie om eens te proberen of ik mijn navel nog kon zien. Een shrink loslaten op de antwoorden heeft niet veel zin. Voor beterschap is het te laat.
Tijd voor wat introspectie …

 

Welke levende persoon bewondert u het meest en waarom?

Een week geleden zou ik daar spontaan “Wielemie” op geantwoord hebben. Nu moet ik op zoek naar iemand die aan haar kan tippen. Kracht geboren uit onmacht. Ik kan het niet anders verwoorden.

 Wat was vandaag uw eerste gedachte?

Ik moet dringend naar het toilet of ’t is in mijn bed.

Wat is uw meest onhebbelijke karaktertrek?

Als ik de lippen stijf opéén hou, zie je toch aan mijn gezicht wat ik denk. Dus flap ik mijn gedachten er nogal eens uit. Ongecensureerd.

Wat was uw meest beschamende moment?

Goh, ik werk hier al zo lang dat ik niet meer onder de indruk ben van professoren die op hun strepen staan“. Tegen de decaan … Ik met een knalrood hoofd van schaamte, hij met een knalrood hoofd van het lachen. En dat is meegegaan tot aan mijn pensioen …

 Kent u een gedicht of een passage uit een boek uit het hoofd?


va
ne prends pas froid
ne te perds pas
ne t’épuise jamais
ne t’épuise jamais
laisse des petits cailloux blancs
pour les châteaux de demain

(Comme un battement de coeur/J-F Bernardini)

Als u naar de toekomst kijkt, wat ziet u dan?

Een glazen bol met veel stof op.

 Wat is uw foutste guilty pleasure?

Een door en door versleten t-shirt recycleren als pyama.

Wie mag aanschuiven aan uw droomdiner?

Sir David Attenborough. Ooit een voordracht van hem gemist toen hij bij ons een eredoctoraat kreeg, en ik moest examen Spaans gaan doen. Als er ooit één moment was om te brossen, was het dié avond.

Noem één ding dat de kwaliteit van uw leven zou verbeteren.

Langere uren.

Van welke gewoonte zou u graag af ­willen?

Mijn agenda volproppen.

Wat zou uw superkracht zijn als vleesgeworden stripheld?

Veelzeggende lege tekstballonnetjes.

Wanneer hebt u voor het laatst gehuild en waarom?

Voor het laatst een traantje geplengd: bij het nieuws over Marieke Vervoort.
Echt gehuild: te lang geleden om het me nog te willen herinneren. Ik heb geleerd deuren te sluiten en niet terug te keren.

Wat is het dichtste dat u ooit bij de dood bent geweest?

Een complete blackout midden op een helsdruk kruispunt. Naar het midden rijden, en dan niet meer weten wat je daar staat te doen, waar je naartoe wil en hoe dat dan moet. Stom, he? En dan het geluk hebben dat er iemand naast u zit, die u terug op dreef praat en aanraadt om dan maar toe te geven dat je opgebrand bent.

Als u het verleden kon veranderen, wat zou u dan veranderen?

Het ontstaan van religies. Ze hebben allemaal teveel bloed aan hun handen.

En in uw eigen verleden?

Ik zou wat vroeger (lees een paar decennia) assertief genoeg worden om mij niet door bepaalde mensen te laten leven.

Als u terug in de tijd kon reizen, waarheen zou u gaan?

Naar het verleden, tiens. Misschien zou ik wel bij Breughel in de leer gaan om kleuren te mengen.

Wat is de belangrijkste les die het leven u geleerd heeft?

Zie uzelf graag. De rest kan je buiten gooien.

Wie moet u spelen in de film van uw leven?

Goh, wie is er klein genoeg? Lady Judy Dench?

Welke song mogen ze spelen op uw begrafenis?

Het geluid van zingende walvissen. Of van een paar duizend opvliegende ganzen. Meer moet dat niet zijn.

 Hoe wilt u herinnerd worden?

Als mezelf.

Vogelaarstrek …

De vogeltrek is volop aan de gang. Zo ook de vogelaarstrek. Terwijl vinken, putters en koperwieken de beschutting van kreupelhout opzoeken, wisselen bonte pieten, kievitten, scholeksters en goudplevieren de polder af met het wad, afhankelijk van eb en vloed.

BBC_8420

Aan de waterlijn op het strand zitten gemengde groepen meeuwen te genieten van het zeebanket en voorbij de branding hangt een veelvoud van hen rond de garnalenkotters om het ophalen van de netten nauwgezet te scannen.

De ganzen vliegen soms in een grote groep op, die in de lucht in stukjes breekt en er een hele tijd over doet om weer op de grond verenigd te worden. Grauwtjes, kolganzen, rotjes, … Ze zijn nog lang niet voltallig. De meerderheid is nog onderweg of misschien zelfs dàt nog niet eens, want het blijft te zacht weer.

BBC_8662

In de duintoppen zitten andere vogels: groen pak, dikke muts, driepikkel met een kanjer van een telescoop voor hun neus. Er wordt gezocht, gekeken, gediscussieerd en – echt waar – zo af en toe ook gewoon flink gegokt.

Wie een beetje thuis is in het “vogelen” – en na zo’n 40 jaar denk ik dat wij daar zo stilaan ook bij gaan horen – trekt regelmatig een wenkbrauw op bij bepaalde waarnemingen. Nakijken ervan levert nogal eens een sterke gelijkenis van “het specialleke” met een regelmatige bezoeker of residentiële vogelsoort. De honger van sommige vogelaars om toch maar die éne zeldzame soort te zien, zorgt er wel eens voor dat ze “ze zien vliegen”. Serieuze vogelkenners geven meestal aan dat “als het te mooi lijkt om waar te zijn, dat het dat dan meestal ook is”.

Ach, ze zijn er mee van ’t straat. Maar wij heffen nog niet zo gauw het glas op een “nieuwe” zeldzame soort. Gebrek aan ambitie? Misschien. Maar ik denk dan vaak aan een uitspraak van Midas Dekkers: “Elk kind uit de lagere school kan een panda tekenen, maar een merel uit hun eigen tuin kleuren ze verkeerd in”. Of het exact geciteerd is, weet ik niet, maar het is in elk geval van die strekking.

En als u mij nu wil excuseren, dan ga ik nog wat mussen, merels en lijsters kijken …

Een huis vol geluiden …

“Het huis” is eigenlijk maar een deel van een gebouw. Het deel aan de straatkant is van de eigenaar. De achterbouw, die een stuk uitgebreid is met glaswanden en uitkijkt op het duin en de tuin is voor de gasten.

Wadseb is voorzien van alle hedendaagse gemakken, maar is ingericht in de stijl van het midden van vorige eeuw: een vrijstaande koelkast (in babyroze) met afgeronde contouren, een broodrooster en brooddoos in dezelfde stijl en kleur, een felrode keuken met zwarte ontbijttoog. Ook het meubilair doet denken aan de diners uit de tijd van James Dean en co. Door het vele glas is het er licht en gezellig. Het huis doet me glimlachen.

Als ik de eerste ochtend vroeg alleen in de woonkamer zit, hoor ik allerhande geluiden. Het borrelen en klotsen van water in een leiding, gevolgd door een zacht gezoem. Blijkbaar is de verwarming wakker geworden. Een zacht geknisper en gesnor. De koelkast “praat” zachtjes om de anderen niet te wekken.

Als ik later die avond nog wat foto’s zit te kijken op de laptop, hoor ik de vaatwasser te keer gaan. Blijkbaar is hij niet akkoord met de hem toebedeelde job, want hij bromt, kreunt en sist. Hij voert een lange, boze monoloog. Af en toe moet hij even nadenken en wordt het stil, maar dan heeft hij zijn gedachten weer verzameld en begint aan een volgend hoofdstuk. Tot hij met zijn werk klaar is en fluitend afsluit. Dan scheurt hij ver weg op het geluid van een zware racemotor.
Ik bedank hem beleefd en lach. Ik denk dat ik thuis die “praatjes” ga missen. Ons huis is nogal zwijgzaam, moet je weten. Met al die geruisloze hedendaagse toestellen ontbreekt er toch een beetje “ziel”.

 

 

Onzichtbaar…

Voetje voor voetje schuifelt ze door de verlaten straat, de handen krampachtig om de grepen van haar rollator. Zo lang het nog kan wil ze in beweging blijven. “Rust roest”. Af en toe blijft ze staan. Even op adem komen. En dan meteen rondkijken of ze niet ergens een bekende ziet. Iemand om even een praatje mee te doen. Maar de straat is leeg.

Er is niemand om mee te praten. De vrienden van vroeger zijn dood of verhuisd naar een rusthuis. De buren die ze kende zijn weg. In de huizen om haar heen wonen allemaal onbekenden. Jonge mensen, met of zonder kinderen, maar met een eigen druk leven waarin geen plaats is voor burencontact. Alleen de buurman aan de overkant is er nog. Maar die kan amper de deur uit, want zijn vrouw heeft Alzheimer en sluipt achter zijn rug naar buiten als hij de straat oversteekt om even een praatje te doen.

Tot vóór een paar jaar woonde haar vriendin twee deuren verder. Ze pasten op elkaar. ’s Morgens keken ze allebei of de luiken bij de ander open waren. Wie naar de bakker of de slager slofte, belde even bij de ander aan of die ook wat nodig had. Maar dat huis staat leeg, te koop. Weer nieuwe onbekenden.

Aan de andere kant woont een jonge kerel. Hij zegt of knikt wel gedag als ze toevallig tegelijk naar buiten komen. Maar eigenlijk is ze een beetje bang van hem. Als hij niet zo kaalgeschoren was, zou hij beslist wilde haren hebben. Een paar weken geleden had hij nog politie aan de deur. Beter niet teveel aandacht geven …

Ze sloft weer naar huis. Ze zal een kopje thee zetten en de krant en haar bril nemen. En in slaap vallen tot ze opschrikt van één of ander geluid, zoals gewoonlijk. Of de tv aanzetten voor het nieuws. Met een beetje geluk wordt ze nog net op tijd wakker voor het weerbericht.

Ze zucht. De zomer loopt alweer ten einde. Straks wordt het koud en donker weer. Dan durft ze niet meer naar buiten, bang dat ze uitglijdt over rotte bladeren.

Dan wordt ze onzichtbaar …

 

Oktober. De dagen worden korter, donker en nat. Vooral voor alleenwonende ouderen wordt het een moeilijke tijd. Laten we samen een oogje in het zeil houden.

 

 

 

Verzopen weer …

Dat de herfst begonnen is, zeg ik je! Je hoeft niet eens je hoofd buiten te steken, een blik door het raam geeft al genoeg informatie.

Ik zou vandaag de andere helft van de voortuin beplanten met lavendel. Yep! pas aangelegd en al verandering van decor, je leest het goed. Die verrekte buurtkatten pikken eerst het egelvoer en dan gaan ze in de voortuin de sedums uitgraven om hun excrementen in het voormalige plantgat te deponeren. Het resultaat laat zich raden.

Ik kreeg uit verschillende hoeken de raad sterk ruikende planten te kiezen omdat kattenneuzen daar niet echt gek op zijn. Een border pal op het zuiden laat weinig keuze over, dus krijgen de olijfboompjes nu een voetbed van sterk ruikende lavendel. Zelfs ík kreeg het in de auto Spaans benauwd, zo hevig was de geur. Als dit niet helpt zie ik nog maar één mogelijkheid: cactussen met naalden van minstens 3-4cm. Intussen wacht ik even af tot de regen wat matigt. Ik maal niet om een druppel regen meer of minder, maar er zijn grenzen. Een douche neem ik graag in de intimiteit van de badkamer. Het zijn tenslotte ook geen waterlelies die ik gekocht heb.

En dus heb ik nu tijd om wat administratie weg te werken, de nieuwsbrief van de dorpsraad ineen te flansen, wat blogjes te lezen en er zelf eentje te produceren. Waarbij ik meteen refereer aan zo een stukje lectuur.

Hoewel ik dagelijks meer uren buiten ben dan in de vermelde challenge per week wordt gevraagd, vind ik het toch een initiatief om te delen, want misschien hebben jullie er wat aan. Ik ben ook wel nieuwsgierig naar de opdrachten die ze verzonnen hebben. En je kan ook kiezen voor opdrachten die kinderen de natuur laten ontdekken, this time of year. Met een herfstvakantie op komst, kan dat handig zijn. Die vakantie zelf valt waarschijnlijk net buiten de challenge, maar die tips heb je dan toch.

Dus: “ga mee naar buiten, allemaal”. Op die wielewaal kunnen we wel wachten tot we een ons wegen, maar een paar duizend brandganzen maken dat toch ook goed. Vind ik dan.

BBC_7755 (2)

De ultieme poging …

Ik had jullie hier en daar al op de hoogte gehouden van onze pogingen om het de egels (of toch minstens één) uit de buurt naar de zin te maken en hoe dat alleszins gedeeltelijk de mist in ging. Ik had ook beloofd om nog even te laten zien wat mijn ultieme poging zou worden om voor KOST en inwoon te zorgen. Ziehier dus wat ik bedacht en uitgevoerd heb.

Op dit thema:

XYZ_7440 (2)

heb ik verder geborduurd.

In het normale gebruik hoort deze combinatie in alle opzichten andersom te zitten. Maar we hebben het hier helemaal niet over “normaal”, toch?

XYZ_8961

Omdat ik in mijn tijd ook nog naar ontelbare “Tom & Jerry”-filmpjes gekeken heb en door ervaring wijzer geworden ben, onderschat ik die kattenkop van hierover niet langer en heb ik de theemuts ook nog vóór en achter vastgezet:

XYZ_8962

Het eindresultaat ziet er dan zó uit:

XYZ_8963

Oogt eigenlijk nog niet eens zo slecht, he?

Omdat we ten einde raad de rest van het egelvoer al door het vogelvoer gegooid hadden (ook de mussen bleken gretige afnemers) zal er dus een bakje van het nieuwe mengsel gepresenteerd worden. Ik ga écht niet het lot uitdagen en er een bakje kattenvoer in plaatsen.

Een vluchtige controle leerde me overigens dat er misschien al wel iemand de woning is komen bezichtigen en uitproberen. De droge bladeren die ik er in gegooid had, zijn mooi op een koepeltje geschikt:

XYZ_8964

En nu: fingers crossed!