Kiezen is …

… altijd een beetje verliezen. En voor een boekengek met te weinig kastruimte is dat niets minder dan een zwaar dilemma. Toch moet je af en toe eens de keuze maken: alles houden en stoppen met kopen? Of scheiden van een aantal gekoesterde boeken waarvan je met zekerheid weet dat je ze nooit gaat herlezen.

IMG_20200109_131744

Vanmorgen was het weer zover. Om de boekenkasten beter te kunnen schikken, moest er geschoven en gekozen worden.

IMG_20200109_132448

De naslagwerken over natuur horen bij Manlief thuis. Nagenoeg binnen handreikwijdte om net dat éne op te zoeken dat hem door het hoofd schiet.

IMG_20200109_132504

Want reken maar dat – als het aan hém ligt – er geen fouten staan in al die ringmappen die hij heeft bijeen geschreven en getekend. Wat begon als een databank(je) van de Belgische zangvogels werd een levenswerk van zo’n 35 jaar. Over alle soorten vogels, over zoogdieren, insecten, planten, … Die mens is niet te stoppen. Als hij niet schrijft, is hij illustraties aan het tekenen of schilderen.

IMG_20200109_132511

Nu de onbereikbare en onhandige hoekjes gevuld zijn met boeken waar we toch (nog) niet van kunnen scheiden, is mijn hoekje weer een paar lege schappen rijker, zodat ik mijn administratie binnen míjn handbereik heb (of toch bijna). De onpraktische hoekkast is de ideale ruimte om souvenirtjes uit te stallen. Het moet niet altijd ernstig zijn, he?

De boeken in de goedgevulde plooibakken krijgen een nieuwe bestemming: het dorpshuis. Want één ding is zeker: boeken worden hier niét weggegooid. De wetenschap dat iemand anders er nog plezier van kan hebben, maakt de scheiding een beetje minder pijnlijk.

 

 

 

 

4 januari 2020

Mijn Mr. Nikon heeft me meteen na mijn belofte buiten geschopt. Met gepoetste lenzen (voor Mr. Nikon),  en een warme jas en een véél te luchtige broek (wegens hals-over-kop vertrokken) voor mij stapte ik bij Manlief en Jeppe in de auto en wijle wég. Resultaat: het eerste blogje met enkel een datum als titel. Dat zal de rest van het jaar het handelsmerk zijn voor mijn selfmade challenge.

Ik zet hier de markantste oogst van vandaag neer. In de loop van de volgende dagen komt de hele reeks voor deze datum op mijn fotoblog maar dat is dus niet meer voor vandaag wegens 1) veel foto’s gemaakt en 2) nog een pittig werkje dat ik niet langer wil/kan laten wachten. Hier dus een paar proevertjes waar ik wat meer praatjes bij zet. Het andere blog is zonder veel tekst, maar met meer beeld. Ik hoop dan maar dat de foto’s het verhaal zélf vertellen.

XYZ_9900

Op en naast de dijken worden hier niet enkel populieren geplant. Abeelen, notelaars, wilgen, vlier, sleedoorn, bottelroos, … Het komt hier allemaal voor. Soms als een rij van één soort, vaak als een gemengde reeks. In dit geval vermoed ik dat het notelaars zijn, maar ik kon niet dichterbij. We komen er nog wel achter in de loop van het jaar.

XYZ_9907

Een oude, verweerde binnendijk, met populieren. Op sommige plaatsen lijkt hij meer op een begroeide duinzoom door de happen die er uit zijn flank gehaald zijn. Als de flanken gepast beheerd worden en dus niet te erg verruigen, zijn dit schatkamers vol wilde planten. Het loont zeer de moeite om ze heel het jaar te blijven volgen en doorheen het bloeiseizoen steeds nieuwe soorten te herkennen.

XYZ_9911

Waar men gaat langs Zeeuwse wegen komt men goddank nog véél goed onderhouden knotwilgen tegen. Een groep vrijwilligers heeft zich tot taak gesteld om elk jaar een deel van de bomen te knotten, zodat hun typische silhouetten het landschap blijven markeren. Zo’n geknotte boom is een biotoop op zich. Ongelooflijk wat er aan kruiden, insecten, vogels en zelfs kleine zoogdieren in en om de boom leeft. Overigens zijn het niet enkel wilgen die geknot worden. Je kan in principe elke (loof)boomsoort knotten. Ook olmen vind je regelmatig met een bol kapsel.

XYZ_9936

XYZ_9945

Hierboven slechts een vluchtige illusie, een zeldzame keer ook realiteit: uilen zitten vaak in zo’n oude, knoestige wilg. Ooit stond ik zo oog in oog met een ransuil. En als hij zijn ogen niet had geopend, had ik het waarschijnlijk tot op de dag van vandaag niet geweten. Slechts het felle oranje-geel van zijn ogen verried zijn aanwezigheid toen hij even knipperde. En toch stond ik er slechts op een meter of 2-3 vanaf.

XYZ_9925

Een veelbeschreven en geklasseerd exemplaar. Jammer genoeg is hij op geen enkele manier in zijn geheel en zonder storende omgevingselementen op de foto te krijgen. Op een driesprong, eeuwen geleden als wegwijzer aangeplant. Er bestaat hier in Nederland naar het schijnt een lijst van oude bomen die beschermd moeten worden. Deze staat volgens horen zeggen in de top 10.

XYZ_9955

Nog een oudje. Ook deze staat op een driesprong. Het heuveltje waar hij op staat is aan de linkerkant afgegraven of geërodeerd. Met de noodlottige gevolgen vandien:

XYZ_9972

Zijn lot is bezegeld. Vorig jaar brak er al een dikke spil af. De aftakeling zal zich allengs en steeds sneller voltrekken, tot hij gerooid wordt om veiligheidsredenen.

XYZ_9991

Op de thuisweg een aangename verrassing, die al beloften inhoudt voor de lente. (Mensen met hooikoorts: gelieve de foto niet te lang te bekijken. 😉 )

Door de wind, door de regen …

Op één van mijn favoriete blogjes is de schrijver ervan met zichzelf een foto-uitdaging aangegaan. Hij heeft inmiddels zijn eerste opdracht gepost.

Bij de aankondiging ervan, een paar dagen geleden, voelde ik me al aangesproken omdat ik mezelf méér onderonsjes met mijn fototoestel had beloofd. Inspiratie met een twist, weliswaar, maar alleszins bedankt voor die schop onder mijn k*nt, TP!

Er staan hier in de omgeving een paar prachtige bomen die het waard zijn om hen het hele jaar te volgen als een paparazzo (ze kunnen zich daar toch niet over opwinden). Eens kijken of daar een wekelijks fotomoment in zit. 

Straks zal ik mijn fototas eens pakken, en het poets-etui voor de lenzen, en al dat geslepen glas ontdoen van de indrukken van 2019. 

En dan: de hort op. Weer of geen weer. Of zoals we dat ook soms zeggen: het is altijd weer, maar ge moet er u op kleden. Door de wind, door de regen, maar hopelijk toch ook wel dikwijls door lekker zonnig weer.

 

Vooruit, achterom, …

Nog twee dagen. Nog twee dagen en dit jaar zit erop. Overal zie, hoor en lees je wat er in dit bijna voorbije jaar gebeurd is. Of net niét. Jaaroverzichten, awards, foto van het jaar, persoonlijkheid van het jaar, … Het lijkt wel of de inspiratie om in die laatste dagen nog wat te doen óp is en de tijd dus moet opgevuld worden met achterom kijken naar wat wàs.

Maar terwijl het geknal van – al dan niet legaal – vuurwerk al wekenlang door de polders en soms ook in de straten klinkt en ergernis alom teweegbrengt, wordt ten onzent al gekeken hoe we het volgende – extra lange, want schrikkel – jaar kunnen vullen.

Natuurlijk zit er veel groen in. Veel gevederte, veel water en hopelijk veel fotografie.
Als het aan míj ligt (en dat zal ook wel voor een stukje zo zijn) zit er ook behoorlijk wat fiets in. Ondanks dat de aankoop van mijn e-bike er pas laat in de nazomer kwam, heb ik toch nog wel wat kilometers bij elkaar gefietst vóór men de grondwaterspiegel op peil begon te brengen. En ik begin het waarempel heel leuk te vinden!
Met een beetje geluk, de schildercursus op dinsdagmiddag en een infusie aan inspiratie zou er zelfs nog een schilderwerkje meer of minder uit moeten komen. Of toch iets wat op termijn daarop moet gaan lijken.

De tuin. De tuin moet er ook in voorkomen. Als de zon de volgende dagen inderdaad nog wat overuren wil kloppen, kan ik nog wat overgebleven bollen in bakken steken. Dan begint die nieuwe kalender in elk geval al kleurrijk.

En de Wadden? Die zullen ook niet ontbreken, want daar zijn al afspraken over. Een keertje buiten onze “normale” periode, een beetje over de grens van onze comfortzone, zeg maar. Wat later dan de keren dat we willen uitbuiken na de feestdagen. Wat vroeger dan de ons bekende vogelsoorten terugkomen uit hun zuidelijke resorts. Hopelijk nét op tijd om de weidevogels aan het werk te zien. Maar dat zal ook wat van het weer in de vroege lente afhangen.

Geen achterom-blogje dus. Geen jaaroverzicht. Wie wil weten wat we allemaal op onze kerfstok gekrast hebben dit jaar, moet maar even gaan teruglezen.

Een vooruit-blogje. Met veel plannen, veel verwachtingen, veel hoop en goesting. In de wetenschap dat er zal moeten gekozen worden en dat er zaken zullen moeten wachten tot een volgende keer …

Van stresskieken tot energiekonijn …

Sinds ik met pensioen ben loop ik nog zelden rond gelijk een stresskieken. Al zal er ook nu weer een zucht van verlichting klinken na de drukte van de feestdagen. Ten onzent is dat allang niet meer zo’n uitgebreid gebeuren, maar toch. Week- en zondagen lopen voor ons naadloos in elkaar over en zonder dat je er erg in hebt is het dan Kerstdag of Nieuwjaar en “verdomme, vergeten dàt of dàt in huis te halen en vandaag zijn de winkels dicht!” Ik moet er niet aan denken.

Aan het eind van het jaar is er ook zoveel dat moet vernieuwd, verlengd, aangepast en stopgezet worden. Abonnementen, contracten, … Een mens slaat dat allemaal op, liefst (of van moetens) digitaal. En net dàt moment kiest je pc om zijn laatste adem uit te blazen. Ik behelp me met mijn laptopje, maar sommige gegevens staan daar dus niet op. En dan is het echt wat het is: behelpen. Gelukkig krijg ik – samen met de nieuwe kantoorhulp – mijn data-backup terug, maar intussen improviseer ik maar wat.

Zo had ik net vóór het schielijke overlijden van mijn desktop een mail ontvangen van onze energieleverancier. Of we opnieuw een 3-jarencontract met vaste prijzen wilden, zoals toen we hier kwamen wonen? (Ochgot, da’s waar, wij wonen hier al 3 jaar!) Dan moesten we dat wél even laten weten vóór … Maar daarvoor had ik dus ons klantnummer en nog wat gegevens nodig en die stonden … juist, ja.

Vanmorgen kwam er een herinneringsbrief en we hadden blijkbaar maar een paar dagen tijd meer om van dat gunsttarief te genieten. Dan maar even bellen. Ik kreeg vrij snel en na maar één keuzemenu’tje de dame van de klantendienst aan de lijn. Of ze die verlenging zo kon regelen? O, geen enkel probleem, mevrouw! Ik heb enkel uw adres nodig. Binnen de minuut was alles in kannen en kruiken.

Blijkbaar geeft deze administratieve ingreep ook nog extra winstkansen. De inschrijvers op dit type contract maken ook kans op het winnen van een waardebon van € 250,- van een bekende koele blauwe onlinewinkel, een tas met zonnepanelen (???) of twee repen chocolade. Wetende dat ik met dat laatste de meeste kans maak, en dat ik die chocolade niet lust wegens mierenzoet, liet ik die optie al meteen vallen.

Wat mij bij die tas met zonnepanelen bracht. En bij de vraag wat ik me daar precies bij moest voorstellen. De dame vertelde me met nauwelijks verholen lach in haar stem, dat het een rugzak betrof waar zonnepaneeltjes op zaten. Dat ontlokte me dan weer de vraag of ik daar dan verder en langer mee kon stappen. Liefst 2 keer zo ver en lang. Aan de andere kant van de lijn leefde een verwante ziel, want daar klonk meteen gelach. Ook zij zat aan dat energiekonijn uit de reklame te denken …

Een niet te missen kans …

Twee maand geleden ( op 28/9 om precies te zijn) plaatste ik deze tekst op mijn blog. Op één of andere manier vond ik hem niet meer terug. En nu zie ik hem opeens als pagina staan, wat niet de bedoeling is. Ik gooi hem dus – in uitgesteld relais, zoals dat dan noemt – alsnog op zijn juiste plaatsje:

Soms is er die éne kans. Aangrijpen en slagen kan honderden deuren openen, ook voor anderen. Een misser kan even zoveel deuren op slot gooien voor lange tijd. Een grote verantwoordelijkheid, vooral als tijd net dàtgene is wat schaarser wordt met de dag.

Waterdunen krijgt zo’n kans. Een project waarover ook Matroos Beek al menig woordje plaatste. Vandaag kreeg het publiek een eerste gelegenheid om even om het hoekje naar binnen te gluren. Die gelegenheid wilden we niet aan onze neus voorbij laten gaan. Helaas – maar naar later bleek, gelukkig – besloot Manlief op het laatste moment om toch maar in de veilige omgeving van de badkamer te blijven wegens, nou ja, regelmatig behoefte aan de nabijheid van een badkamer. Hij zou vooral de verloren kilometers niet verteerd hebben.

Ik dus alleen naar Breskens. Op de aankondiging had ik gelezen waar ik de auto kwijt kon op een betalende parking en dat het dan slechts een minuutje of tien stappen was naar de plaats van het gebeuren. Ik liet mijn bakje achter op de parking, voorzien van een ticket dat om precies 11:14 was afgedrukt. Dat zou moeten betekenen dat ik nog net op tijd zou zijn voor de wandeling van 11:30.

Zou. Want nergens was enige aanduiding te vinden van langs waar men zich te voet naar de start moest bewegen. Ik gokte dan maar dat de zeedijk de beste keuze moest zijn, vanwege zeker van de richting en hoge uitkijk over de omgeving. Maar na zo’n twintig minuten was er nog geen spoor van de opendeurdag te vinden. In die tijd hadden mij al vier zoekenden gevraagd waar ze wezen moesten. Ik drukte hen op het hart zeker niet in mijn voetsporen te treden, wegens ook totaal verloren. Tot ik een groep van de fietstochten zag, nog net op tijd bij hen kon komen vóór ze er weer – gejaagd door een stevige wind – vandoor gingen. Jammer genoeg had ik het rechte pad verlaten om raad te vragen en moest ik nu eerst een eind terug om weer naar boven op de dijk te kunnen klauteren.

(Ik verwed er iets moois om dat Matroos intussen onder tafel ligt van het lachen). Net toen ik overwoog om op mijn stappen terug te keren en dichter bij huis naar nog wat natuur te gaan kijken, kreeg ik de “feest”tent in het zicht. Bij het binnenkomen was het 12:05, de file bij de koffiekraam was immens lang, de tijd tot de volgende wandeling te kort en enige andere vorm van bevoorrading – op een paar kratten appels na – onbestaande. Tegen beter weten in grabbelde ik dus maar een appel mee om mijn suikerspiegel weer enigszins op peil te krijgen. Net toen ik het klokhuis in de afvalbak kieperde, riep de gids haar volgers bijeen en vertrokken we. Prompt trok de zon zich terug achter de wolken en begon het flink te regenen. We zouden de zon pas terug zien bij aankomst. Vandaar: geen foto’s, want ik had mijn fototas inmiddels ingepakt in zijn eigenste regenjasje.

Het hele gebeuren was in zekere zin een teleurstelling. Voor wie zich interesseert in de technische kant van de hele installatie was er wel de kans om in het bedieningsgebouw een uitleg te krijgen. Wie voor de natuur gekomen was – en over enige voorkennis beschikte – viel vooral op dat we nog helemaal niet in het natuurgebied binnen konden, wegens nog geen wandelpaden. Dat is iets voor – als alles meezit – medio 2020. Waarom er dan nu al werd uitgepakt? Waarschijnlijk om de Waterschap, de provincie en camping Molekaten te plezieren. Die zullen omwille van geheel eigen redenen geen geduld meer gehad hebben.

Feit is, dat de natuurwandeling plaats vond in het gebied dat binnen afzienbare tijd geen natuurgebied meer zal zijn, maar een camping.

Feit is, dat er desgevraagd vooral de nadruk op gelegd werd dat recreatie en natuurbescherming perfect hand in hand kunnen gaan. Waarbij ik me dan bedacht dat het toch wel zo veilig zou zijn om geen directe toegang tussen camping en natuurgebied te maken. Anders zal er van rust voor de natuur niet veel in huis komen.

Feit is, dat het in de omgeving apedruk was, ook al was verre van iedereen gekomen om naar het nieuwe natuurwonder te kijken. Ik kan me heel goed de zorgen van de omwonenden inbeelden, want zelfs nù – buiten het toeristische seizoen – is de recreatiedruk erg groot.

Feit is, dat ik met een dubbel gevoel naar huis terugkeerde. Vooral het gevoel dat de natuurbeweging zich had laten gebruiken voor een promotiestunt, om vooral veel wierook te wuiven over de schaal (“misschien wel de grootste ter wereld”) waarop men dit zoutwatergetijdengebied had ontwikkeld, om vooral te benadrukken dat de camping ook al vooraf aanwezig was, dat het landschap toch moest worden aangepast wegens zwakke plekken in de dijken, … Ik heb geen enkele kritische vraag horen beantwoorden met een kritische noot. ” ’t Was al glorie in een kanneke”.

Feit is, dat ik eindelijk, om 15:45, als een mank paard bij de auto gestrompeld kwam en naar huis reed om mijn pijnlijke benen en voeten in een warm bad te laten recupereren. En dat ik morgen vast en zeker nog niet teveel stappen ga zetten. Overmorgen misschien zelfs nog niet, tenzij het weer echt aanlokkelijk is.

Ik hoop uit de grond van mijn hart dat Waterdunen de kans grijpt om al die kritische noten te kraken, te bewijzen dat toerisme en natuur elkaar niet per definitie in de weg moeten zitten en dat de commercie het leven in en om het gebied niet de keel dicht knijpt. Ik hoop ook dat wij de volgende jaren getuige zullen kunnen zijn van de ontwikkeling van een heel interessant gebied, dat zich geleidelijk of niet zo geleidelijk gaat ontwikkelen tot een uniek biotoop op de grens van zoet en zout. Kortom: een natuurlijk Grensland.